Wat kunt u verwachten op de dag van het MRI onderzoek?
In het Radboud ziekenhuis volgt u route 780 naar de balie. Nadat u zich heeft gemeld bij de balie, neemt de laborant u mee naar de kleedkamer. U (en uw eventuele begeleider) moeten alle mogelijke metalen voorwerpen in de kleedkamer achterlaten.
Buscopan
Voordat u de onderzoekskamer in gaat brengt de laborant een infuus bij u in. Via dit infuus krijgt u voor het onderzoek het medicijn Buscopan toegediend. Buscopan zorgt ervoor dat de darmen minder bewegen en de opnamen scherper worden. Een mogelijke bijwerking van dit medicijn is dat u even wazig ziet.
U mag dit medicijn niet krijgen wanneer één van onderstaande op u van toepassing is:
- Verhoogde oogboldruk (glaucoom)
- Hartaandoeningen
- Wanneer u een katheter in de blaas moet inbrengen om te kunnen plassen
Na het inbrengen van het infuus begeleidt de laborante u naar de onderzoekskamer. U kunt nu plaatsnemen op de onderzoekstafel, hierbij ligt u op uw rug.
Om de signalen uit uw lichaam goed te kunnen meten komt er een extra steun met ingebouwde antennes om het bekken. Voor het MRI onderzoek schuiven we u op een onderzoekstafel in de scanner. Dit is een buis van 1,5 meter lang en met een doorsnede van 70 centimeter. We leggen u zo neer, dat uw prostaat in het midden van de buis zit. De buis is van binnen verlicht en aan beide uiteinden open.
Zodra u goed ligt, start het onderzoek. De MRI-laborant maakt meerdere afbeeldingen van uw prostaat en het gebied daaromheen. Een opname kan twee seconden duren, maar ook vijf minuten. We maken opnamen vanuit verschillende hoeken, zodat we een zo compleet mogelijk beeld krijgen van de eventuele tumor en de uitzaaiingen. Daarom is het belangrijk dat u stilligt tijdens het onderzoek. Het MRI onderzoek duurt gemiddeld 30 minuten.
Claustrofobie
Mensen met ernstige claustrofobie durven soms niet in de MRI. Heeft u ernstige claustrofobie, overleg dan met uw behandelend arts. Deze kan eventueel een rustgevend medicijn voorschrijven. De meeste rustgevende medicijnen beïnvloeden de rijvaardigheid, dus zorg er in dat geval voor dat u zelf die dag niet meer aan het verkeer hoeft deel te nemen.
Contrastvloeistof
U krijgt tijdens het maken van het MRI onderzoek contrastvloeistof toegediend. De contrastvloeistof zorgt ervoor dat verschillen tussen weefsels op een MRI onderzoek beter te zien zijn. Om contrastvloeistof toe te dienen krijgt u een infuus in de arm. Tijdens het onderzoek spuit de laborant via de infuusslang de contrastvloeistof in. U merkt hier meestal niets van, maar het is mogelijk dat u een koud gevoel in de arm of een vreemde smaak in de mond krijgt. Na het onderzoek wordt het infuus verwijderd.
Wat merkt u van het onderzoek?
Het onderzoek doet geen pijn. Van de radiogolven of magneet merkt u niets. Het kan wel zijn dat u het onderzoek onprettig vindt of dat u het warm krijgt. Bijvoorbeeld omdat u lang stil moet liggen in de buis. Of vanwege het geluid. Want de MRI scanner maakt een luid, ratelend geluid. Als het geluid even stopt, betekent dit dat we klaar zijn met een opname. Om dit geluid te dempen krijgt u oordopjes of een hoofdtelefoon. Toch hoort u meestal het geluid van de MRI boven de muziek uit.
Voelt u zich toch niet goed? Of is er iets aan de hand? U krijgt altijd een rubberen balletje mee in de MRI. Wanneer u hierin knijpt, waarschuwt u de radiodiagnostisch laborant die het onderzoek uitvoert. De laborant stopt op dat moment het onderzoek en schakelt de intercom in, zodat u met hem kunt praten. Ook kan de laborant u zien via een camera.