Op het spreekuur worden door cliënten vaak vragen gesteld die betrekking hebben op de relatie tussen urologische tumoren en levensstijl. “Maar dokter, wat kan ik zelf doen om de kans op kanker te verkleinen?” Deze vraag is lastig te beantwoorden.

Men dient zich te realiseren dat onderzoek op dit gebied zeer omslachtig is. Het duurt vaak meerdere jaren voordat statistisch relevante verbanden kunnen worden aangetoond tussen levensstijl en het ontstaan van kanker. Deze onderzoeken dienen bovendien aan criteria te voldoen alvorens men hieruit stellige conclusies kan trekken. Zo dient een onderzoek een grote populatie te omhelzen die geruime tijd gevolgd kan worden (de zogenaamde cohortstudie). Deze studie hoort bij voorkeur vergelijkend en gerandomiseerd zijn om de kans op foutieve conclusies zo veel mogelijk te verkleinen.

In de meest recente literatuurstudies uitgevoerd door het wereld kankerinstituut, zijn de resultaten van een Nederlands studie in een groep van 120 duizend patiënten geanalyseerd. Het betreft een methodologisch goed uitgevoerde cohortstudie die sinds 1986 in Maastricht op vaste tijdstippen, onderzoek deed naar de individuen in de onderzoeksgroep. Een van de thema’s was de relatie tussen levensstijl en het ontstaan van kanker.

Wat bij veelvoorkomende urologische tumoren opviel was onder andere het feit dat er een groter verband bestaat tussen levensstijl en blaaskanker dan tussen levensstijl en prostaatkanker.
Een Nederlandse man heeft ongeveer een “life time risk” van 1 op 6 om prostaatkanker te ontwikkelen. De meest oorzakelijke factor is familiair voorkomen (lees genen effect). Prostaatkanker is dan veel minder afhankelijk van leefstijl. Wel is er duidelijke correlatie tussen overgewicht en vergevorderde (lees uitgezaaide) prostaatkanker.

Sterilisatie: er is geen wetenschappelijk bewijs voor een oorzakelijke relatie tussen sterilisatie en het ontstaan van prostaatkanker.

Voeding: er is mager bewijs voor de relatie tussen inname van melk en andere zuivelproducten en prostaatkanker. Er wordt beweerd dat grote inname van calcium juist een averechts effect heeft op het voorkomen van prostaatkanker.

Vitamine en voedingssupplementen: lage waardes van selenium en vitamine E in het bloed hebben geen versterkende werking bij patiënten op de kans voor het krijgen van prostaatkanker.

Plasklachten: voor plasklachten op basis van goedaardige prostaatvergroting is feitelijk geen oorzakelijke factor of bewijs in de literatuur te vinden. Wel kan met waarschijnlijkheid gesteld worden dat overgewicht en te weinig fysieke inspanning in leefpatroon in combinatie met ouder worden een beduidende rol spelen in het ontstaan van plasklachten op basis van prostaatvergroting.

Samenvattend kan gesteld worden dat het erg moeilijk is om een genuanceerde stelling te maken over oorzakelijkheid van levensstijl en urologische kanker. Wel is duidelijk dat factoren zoals roken, overgewicht en alcohol een duidelijke bijdrage leveren aan het ontstaan van urologische tumoren. Er is bijvoorbeeld een sterk oorzakelijk effect van roken op blaas- en nierkanker. Een samenspel tussen genen en omgevingsfactoren/ levensstijl is feitelijk de essentie.

Bron:      – Prof. Bart Kiemeney, hoogleraar Kanker Epidemiologie van het Radboud UMC en directeur van het Radboud Institute for Health Sciences.

              – Uroscoop (8 maart 2016),  artikel Kees Vermeer

Neem contact met ons op 026 389 1753

Blijf op de hoogte en schrijf u in voor de nieuwsbrief